Bronnen

De PPA-databank verzamelt zowel de biografische gegevens over het Antwerps provinciaal politiek personeel, als de verkiezingsuitslagen van de provincieraad. Onder de term politiek personeel worden alle 1317 Antwerpse provincieraadsleden, gedeputeerden, gouverneurs en griffiers die actief waren in de periode van 1830 tot 2006 verstaan. De uitslagen van de provincieraadsverkiezingen werden verzameld van 1836 tot 2000.  KADOC-K.U.Leuven stond in voor de verzameling en de invoer van de biografische gegevens voor 1921. Amsab-ISG deed hetzelfde voor de periode na 1921. Liberaal Archief zorgde voor het opsporen, verwerken en invoeren van de verkiezingsresultaten.

De gegevensverzameling werd omwille van haar omvangrijk en erg tijdrovend karakter in verschillende fasen uitgevoerd. Een constante factor vormden de vele onvolledigheden en lacunes. Zelden was een bronnenreeks volledig bewaard, waardoor tijdsintensief lokaal speurwerk nodig was om de basisgegevens bij mekaar te sprokkelen over een lokaal provincieraadslid of een verkiezing. Elke persoons- en verkiezingssteekkaart in de databank bevat daarom een bronnenveld met een volledige opsomming van de geraadpleegde archivalia en werken.

Biografische bronnen

Vooreerst werd gestart met het aanleggen van een basislijst van de provinciale mandatarissen tussen 1830 en 2006. Dat gebeurde aan de hand van de tot 1995 onder diverse titels jaarlijks verschijnende verslagen over de (administratieve) toestand van de provincie (de zogenaamde provinciale vertogen) en de notulen van de provincieraad. Beide reeksen zijn integraal te raadplegen in de Administratieve Bibliotheek van de provincie.

Deze gegevens werden in eerste instantie aangevuld met de geloofsbrieven van de provincieraadsleden, die doorgaans bestaan uit een uittreksel van de geboorteakte, een woonstbewijs en een bewijs van militieverplichtingen. De geloofsbrieven zijn ingesloten bij de processen-verbaal van de provincieraadsverkiezingen en bewaard in het Provinciearchief en het Rijksarchief Antwerpen. Deze kiesdossiers bevatten veel hiaten, in het bijzonder voor de aanvullende verkiezingen ten gevolge van een overlijden of een ontslag in de negentiende eeuw. Voor de periode 1860-1887 ontbraken de kiesdossiers bijna volledig. Voor de periode vóór 1921 werden slechts voor ongeveer een vijfde van de provincieraadsleden geloofsbrieven teruggevonden. Na 1921 werd de situatie heel wat beter.

Daarnaast werden ook een reeks biografische dossiers op de griffie doorgenomen. Deze dossiers gaan terug tot ongeveer 1921, maar zijn zeer onvolledig. Pas vanaf de jaren 1950 verbetert de situatie. In een volgende fase werd informatie toegevoegd uit diverse biografische dossiers van de vier centra, biografische naslagwerken, seminarieoefeningen, licentiaatsverhandelingen met betrekking tot politiek personeel en de uitgebreide lokale historische literatuur. Ook lokale collecties van onder meer biografische dossiers, persknipsels, overlijdensbrieven en bidprentjes uit stads- en gemeentearchieven en het Nationaal Centrum voor Familiegeschiedenis van Vlaamse Vereniging voor Familiekunde (VVF) in Merksem.

Ter aanvulling van de personalia en om een beeld te krijgen van de familiale en socio-professionele achtergrond van de provinciale mandatarissen, werd uitgebreid en tijdrovend onderzoek verricht in de akten van de burgerlijke stand (geboorte-, huwelijks- en overlijdensakten) en in sommige gevallen de parochieregisters voor 1800. Voor 1900 konden de akten centraal vrij op microfilm geraadpleegd worden in de Rijksarchieven van Antwerpen en Beveren-Waas. De akten daterend van na 1900 moesten ter plaatse in de gemeenten opgezocht worden. Daartoe werd een collectieve toestemming aangevraagd bij de rechtbanken van eerste aanleg van de gerechtelijke arrondissementen Antwerpen, Mechelen en Turnhout. In Mechelen en Turnhout werd respectievelijk op 21 juni en 28 juni 2004 de gevraagde toestemming verleend. In Antwerpen werd die geweigerd op 16 juli 2004, waardoor de gegevensverzameling van provincieraadsleden uit het arrondissement Antwerpen – ca. 40% van de te onderzoeken groep – ernstig bemoeilijkt werd.

De lokale mandaten werden opgespoord via de registers van de lokale verkozenen (burgemeesters, schepenen en gemeenteraadsleden) en de overige dossiers van het fonds ‘Bestuur van de gemeenten’. Deze erg rijke bronnenreeksen voor de lokale politieke geschiedenis worden per Antwerpse gemeente bewaard voor de periode 1795-1965 in het Provinciearchief. De periode 1840-1870 vormde echter een blinde vlek in deze dossiers; na 1965 werden geen gecentraliseerde reeksen teruggevonden. Dankbaar mochten we gebruik maken van de databestanden van de zestien meest bevolkte Antwerpse gemeenten, verzameld in het kader van het project over de gemeenteraadsverkiezingen van 1890 tot 1970. De lidmaatschappen van de provinciale staten en de gedeputeerde staten werden nagegaan in de processen-verbaal van deze instellingen, die bewaard worden in het Rijksarchief Antwerpen.

De huidige en nog levende (oud-)provincieraadsleden werden betrokken bij het onderzoek. Zij kregen in het voorjaar van 2002 een enquête bezorgd, die zowel schriftelijk als elektronisch kon worden ingestuurd. Zij kregen bovendien de gelegenheid hun gegevens op de biografische steekkaarten te controleren bij schriftelijke controlerondes in augustus 2004 en in april 2006.

Electorale bronnen

Ook voor het opzetten van de electorale databank over de 58 integrale of gedeeltelijke en de 106 aanvullende provincieraadsverkiezingen werden zeer diverse bronnenreeksen gebruikt. Deze bronnendiversiteit wordt veroorzaakt door het feit dat pas vanaf de jaren 1950-1960 er een continue verwerking en bewaring van de kiesresultaten plaatsvond. Bronnen die ons informeren over wat vooraf zijn bijzonder versnipperd, onvolledig of spreken elkaar tegen.

De belangrijkste bron was het geheel van bewaarde kiesdossiers. De samenstelling van de individuele dossiers varieerde sterk, maar doorgaans werd voorzien in een belangrijk aantal basisgegevens waaronder de namen en resultaten van de kandidaten of lijsten, al dan niet aangevuld met gegevens over opkomst, blanco stemmen en dergelijke meer. Deze dossiers worden voor wat betreft de periode 1836-1860 bewaard in het Rijksarchief Antwerpen, terwijl in het Provinciearchief  de dossiers van 1888 tot heden worden bewaard. De verkiezingsdossiers uit de periode 1860-1887, die zich in het Provinciearchief zouden moeten bevinden, zijn op vier dossiers na helaas verdwenen. De aanvullingen uit de ‘schaduwcollectie’ van het ministerie van Binnenlandse Zaken  - die wat de provincieraadsverkiezingen te Antwerpen betreft teruggaat tot 1858 - konden deze leemte niet volledig overbruggen. Voor achtentwintig verkiezingen uit deze periode zijn met andere woorden geen officiële uitslagen meer beschikbaar.

Een tweede bronnenreeks bestond uit de Vertogen van de bestendige deputatie en de reeks Verslagen en/of Notulen van de provincieraad, die onder diverse titels werden gepubliceerd. Naast diverse demografische gegevens kon uit deze bronnen informatie gepuurd worden betreffende het aantal kiesgerechtigden per kanton of arrondissement, de verhouding tussen stedelijke en landelijke kiezers, de resultaten van kiesexamens en gedeeltelijke of volledige kiesresultaten. Het grootste hiaat hierin betreft de aanvullende verkiezingen uit de periode 1836-1913, waarvan de resultaten zelden werden opgenomen. Volledigheid was ook hier helaas niet de primaire doelstelling: gegevensreeksen werden soms gedurende jaren onderbroken of berekeningswijzen varieerden. Vanaf 1971 werd voor elke verkiezing bijkomend een officieel resultatenoverzicht gepubliceerd, tenzij door de provincie zelf, tenzij door het ministerie van Binnenlandse Zaken. Het spreekt voor zich dat deze gegevens integraal werden overgenomen. Het verkiezingsjaar 1981 ontbreekt evenwel in deze reeks.

Voor een aantal verkiezingsresultaten tussen 1908 en 2000 werd eveneens gebruik gemaakt van de Verkiezingsdatabank, beheerd door de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de VUB in samenwerking met het ministerie van Binnenlandse Zaken en consulteerbaar via <www.vub.ac.be/belgianelections>. Onduidelijkheid met betrekking tot het gehanteerde bronnenmateriaal en het gebruik van de verzamelcategorie ‘Andere [lijsten]’ noopten echter tot voorzichtigheid en een beperking tot aanvullend gebruik.

Voor de kiesgegevens die in geen van de reeds vermelde bronnenreeksen terug te vinden waren, werd met de nodige voorzichtigheid teruggegrepen naar de pers. Aan de hand van de geraadpleegde kranten (De Burger (1895-1900), De Burgerij en de Landbouw (1863-1894), Het Handelsblad der Stad en Provincie Antwerpen (1844-1848) en zijn opvolger Het Handelsblad van Antwerpen (1848-1914), Le Journal du Commerce d’Anvers (1836-1853), De Nieuwe Gazet (1897-heden), Le Précurseur (1836-1914) en De Straal (1902-1911)) werd een behoorlijk aantal hiaten opgevuld, wat perspectieven biedt voor toekomstig aanvullend onderzoek.

 


De seminarieoefeningen van de Vakgroep Nieuwste Geschiedenis van de Universiteit Gent werden systematisch verwerkt. Bovendien werden tijdens het academiejaar 2001-2002 aan de afdeling Nieuwste Tijd van de K.U.Leuven historische oefeningen georganiseerd over een zeventigtal provincieraadsleden uit de negentiende eeuw (met dank aan Hans Bosmans, Nicolas Chartier, Johannes De Gruyter, Katrien Driessen, Nick Geukens, Stefan Grommen, Tom Kersemans, Carl Pauwels, Marion Schrijvers, Lodewijk Sioen, Niel Staes, Kristof Switsers, Carlos Theus, Kris Vanhees, Tijl Vanneste, Karel Vermeiren, Eva Vervondel en Anneleen Willems).

Kesteloot; Mares en Marissal, Gemeenteraadsverkiezingen 1890-1970. Met speciale dank aan Ann Mares voor het delen van haar bestanden van de gemeenten Antwerpen, Berchem, Boom, Borgerhout, Deurne, Ekeren, Geel, Hoboken, Lier, Mechelen, Merksem, Mol, Mortsel, Schoten, Turnhout en Wilrijk.

 

© Project Politiek Personeel Provincie Antwerpen | info@ppant.be | Disclaimer